meisjes maken eindtoets
eindtoets maken

Binnenkort moeten alle basisscholen weer een keuze gemaakt hebben voor de eindtoets in groep 8. Voor de meeste scholen is die keuze al gemaakt en niet anders dan in vorige jaren. De meesten kiezen weer voor de toets van Cito, nu gemaakt onder regie van de CVTE. Sinds de eindtoets verplicht is gesteld bij wet en alle scholen een eindtoets moeten afnemen is er ook ruimte gemaakt voor andere toetsaanbieders. Vorig jaar waren er twee concurrenten om het ‘monopolie’ van Cito te doorbreken. Dit jaar zijn er weer drie bij gekomen. Scholen kunnen nu dus kiezen uit 6 aanbieders. Volgend jaar misschien nog meer, want het is een interessante markt met zo’n 150000 leerlingen.

Met het verplicht stellen van een eindtoets in groep 8 (in 2014) is niet alleen het aantal aanbieders vergroot, maar ook het tijdstip waarop de toets wordt afgenomen is nu twee maanden naar achteren geschoven en de zwaarte van het advies is afgezwakt. Het advies van de afleverende school is nu doorslaggevend en daar mag alleen maar in positieve zin van worden afgeweken, als blijkt dat de uitkomst van de eindtoets daar aanleiding toe geeft.

Alles bij elkaar is dit een flinke aantasting van de belangrijke rol die de Cito-toets vroeger speelde. De vraag is of dit de kwaliteit van het advies voor het vervolg onderwijs, want dat is de belangrijkste functie van die Eindtoets, ten goede is gekomen.

Het VO was er meteen al niet blij mee, want het advies uit een objectieve bron komt nu veel te laat om nog een rol te spelen bij de organisatie van de instroom. En om nu helemaal te vertrouwen op het advies van de afleverende school? Die toets in er niet voor niks gekomen in de jaren zestig van de vorige eeuw. Het was juist om de subjectiviteit van dat advies te doorbreken, want leerkrachten zijn ook maar mensen. Status en opleiding van de ouders, sociaal wenselijk gedrag en werkhouding van de leerling,  het speelt allemaal mee.

Maar dat was in de vorige eeuw hoor ik u zeggen. Tegenwoordig hebben we gegevens uit het leerlingvolgsysteem en is er een goede overdracht van gegevens van de leerlingen over de jaargroepen heen, zodat de leerkracht van groep 8 er niet alleen voor staat en zijn advies moet baseren op slechts een jaar ervaring met die leerling.

Ik vrees dat de werkelijkheid een stuk hardnekkiger is dan men in Den Haag graag wil geloven. Probleem is o.a. dat gegevens uit een LVS een stuk minder betrouwbaar zijn dan zo`n Eindtoets en dat die overdracht van leerkrachten lang niet overal soepel verloopt en dat die leerkracht bovendien tegenwoordig met ouders te maken krijgt met (te) hoge verwachtingen.  De conclusies van de Onderwijsinspectie  in het laatste onderwijsverslag spreken wat dat betreft boekdelen.

Maar meerdere toetsaanbieders levert vanwege die concurrentie toch een betere toets op? Ook daar valt het nodige op af te dingen. De alternatieve aanbieders hebben elk zo hun ‘unique selling point’. De een is digitaal en adaptief, de ander alleen lineair met papier en potlood. De een meet meer dan alleen reken en taal: de hele mens, terwijl de ander juist alleen de kern beoogt te meten: zonder franje.

Wat echt belangrijk is, namelijk de kwaliteit van de toets in termen van validiteit en betrouwbaarheid, komen we moeilijk te weten en lijkt in de marketing geen rol te spelen. Als school kies je dan al gauw voor een toets die leuk voor de leerlingen is en weinig tijd kost. Geld speelt geen rol, want de overheid betaalt.

De ultieme test moet nog komen, als we weten wat er van de adviezen gebaseerd op de verschillende toetsen in de praktijk is terecht gekomen. Van de oude Citotoets weten we dat het in ongeveer 80% van de gevallen wel deugt, bij zo’n 10% is het advies te laag.  Dat is regelmatig onderzocht. Van de nieuwe aanbieders weten we nog niets.

Er valt nog veel meer te zeggen over deze ramp voor het onderwijs, maar daar is een Blog geen geschikt middel voor. Wel vraag ik me tot slot af wat deze exercitie de belastingbetaler heeft gekost. Ik vrees dat de kosten voor maken en afnemen van deze toets minsten verzesvoudigd zijn vergeleken met de situatie toen Cito dit nog als een vrij product op de markt bracht. Misschien een leuk onderwerp voor een onderwijsblad als Didactief om dat eens tot op de bodem uit te zoeken.