Willem van Nassau

Er gaan weer stemmen op om de leerlingen verplicht het Wilhelmus te laten zingen (zie bijv. AD 16 augustus)[1]. Dat zou goed zijn voor de versterking van de Nederlandse identiteit en helpen bij de integratie van nieuwkomers. Even los van de effectiviteitsvraag,- is dit wel het juiste middel bij het betreffende doel?-, zijn er nog wel een paar andere kanttekeningen te plaatsen.

Het gaat hier in essentie over burgerschap, maar daarnaast ook over geschiedenisonderwijs en muziekonderwijs op de basisschool.

Dat zijn onderwerpen waar ik in het verleden bij peilingsonderzoek intensief mee te maken heb gehad. Vandaar dat ik rustig kan stellen dat beiden in het verdomhoekje zitten. En dat is niet alleen de leerkrachten aan te rekenen of hun directies en besturen, maar ook de politiek, inclusief de partijen die nu zo hard roepen dat het zo slecht gesteld is met het zingen van het Wilhelmus.

Geschiedenis en het Wilhelmus

Eerst even de geschiedenis. Hoe staat het eigenlijk met de kennis van onze vaderlandse geschiedenis en met name van de periode waarin het Wilhelmus is ontstaan?

In het kader van PPON (Cito)[2] is de kennis van geschiedenis op landelijk niveau voor de laatste keer onderzocht in 2008. Eigenlijk was het in 2014 opnieuw aan de beurt, maar OCW vond het toen niet meer urgent genoeg (beleidsmatig interessant?) voor een nieuwe peiling. De meest recente gegevens zijn dus 9 jaar oud…

De peiling bestond uit toetsen over 9 perioden in de vaderlandse geschiedenis, waaronder Nieuwe tijd: de republiek. Dat behelsde de hele periode van 1500 tot en met 1800. De leerlingen van groep 8 kregen daarbinnen een reeks opgaven voorgelegd over de spanningen en de opstand in de Nederlanden tussen 1550 en 1600. In een vraag over deze periode komt ook Willem van Oranje voor:

Voorbeeld Toetsopgave 1

Nederland is een koninkrijk. Het is verbonden met een koningshuis. Daarom is Beatrix nu koningin. Met welke persoon is de verbondenheid tussen Nederlanden en ons koningshuis begonnen?

A             met koningin Wilhelmina (1884 1968)

B             met koning Willem I (1772-1843)

C             met Willem van Oranje (1533-1584)

D            met Karel de Grote (768-814)

(voorbeeldopgave 11 van de schaal Nieuwe tijd: de Republiek, PPON Balans 42, 2008, p. 99)

Maar iets meer dan de helft van de leerlingen kiest hier het juiste antwoord. Menige leerling kiest voor de andere afleiders (zie p. 98, Wagenaar e.a., 2010)[3]. Zwakke leerlingen geven meestal een onjuist antwoord en zelfs zeer sterke leerlingen beheersen deze kennis niet goed.

Ook een rechtstreekse vraag naar Willem van Oranje in het kader van het onderwerp De geschiedeniscanon levert een weinig opbeurend beeld.

Vraag 2 [gview file=”http://www.testadvisor.nl/wp-content/uploads/2017/09/Wilhelmus-vraag-2.pdf”]

Dit bleek voor de gemiddelde leerling te moeilijk. Alleen zeer goede leerlingen konden dit correct beantwoorden.

Overigens moet worden opgemerkt dat leerlingen het onderwerp Tachtigjarige Oorlog, inclusief de rol van Willem van Oranje, meestal in jaargroep 7 krijgen onderwezen (71% in groep 7, 26% in groep 8). Er kan dus al wat kennis zijn weggezakt op het moment van peilen aan het eind van jaargroep 8.

De conclusie is duidelijk: de kennis over Willem van Oranje is bij de leerlingen in groep 8 niet groot. Daar zou nog iets aan gedaan mogen worden, zeker als men het belangrijk vindt dat leerlingen weten waar ze over zingen als ze het volkslied ten gehore brengen. Maar over dat zingen gesproken.

Muziek en het Wilhelmus

Kunnen leerlingen in groep 8 eigenlijk nog wel een beetje zingen en wordt daarbij het Wilhelmus nog wel eens uitgevoerd? Het antwoord op die vraag zou uit een peilingsonderzoek Muziek op de basisschool kunnen komen. Helaas is zo’n peilingsonderzoek recentelijk niet gedaan. Wel is er recent een peiling Kunstzinnige Oriëntatie uitgevoerd door de Inspectie, maar de kwaliteit van het zingen is daaruit niet te destilleren en of het Wilhelmus wordt gezongen al helemaal niet (Inspectie 2017)[4]. Wat we met de uitkomsten van die peiling van de inspectie wel kunnen is voor mij trouwens nog een raadsel, maar daar schrijf ik in een volgende Blog nog wel eens over.

We kunnen ook nog twintig jaar terug gaan naar een eerdere peiling Muziek waarin wel de kwaliteit van het zingen werd gemeten. De uitkomsten waren destijds behoorlijk verontrustend: op 87% van de scholen was de lieduitvoering onvoldoende en bij een nieuw aangeleerd lied was 82% onder de maat! (p. 62, Van Weerden & Veldhuijzen, 2000)[5]. Grootste probleem bleek zuiverheid en voordracht. Ook bij de individuele scores bleek dat slechts 18% van de leerlingen voldoende muzikale vaardigheden bezat (p. 74). Dat is 20 jaar geleden, dus die gegevens zijn zwaar achterhaald, zou je denken. Maar ik durf de stelling wel aan dat het inmiddels eerder slechter is geworden dan beter. Afgezien van enkele uitzonderlijke scholen en een deel van de leerlingen dat op de muziekschool zit of thuis het een en ander meekrijgt, is het zeer pover gesteld met de zangkwaliteit van onze basisschoolleerlingen. Gelukkig is het Wilhelmus melodisch geen moeilijk lied, maar toch, met die tekst erbij…

Populariteit van het Wilhelmus

Staat het Wilhelmus trouwens nog weleens op het programma? Wordt het in de muziekles nog wel gezongen? Dat laatste waag ik te betwijfelen. Wel staat het nog in liedboeken en gezangbundels van kerken, en zal het bij bepaalde gelegenheden nog steeds gezongen worden, maar in de muzieklessen richt men zich tegenwoordig op melodieën en teksten die dichter bij de leefwereld van de leerlingen van nu staan.

Zelf leerde ik het Wilhelmus vroeger op de Rijkskweekschool (eind 60-er jaren) uit de bundel ‘Nederlands Volkslied’ (Polmann & Tiggers, 15-de druk). De bundel opende ermee en gaf de tekst van vijf coupletten weer (1, 2, 3, 6 en 14). Daarna kwamen liederen als ‘Wie dat zichzelf verheft’, ‘Die voor de waarheid strijdt’ en ‘O Nederland, let op uw zaak.. ‘.

Lied Wilhelmus
Nederlands Volkslied – Polmann & Tiggers

Dat soort liederen werden in die tijd (60-er, 70-er jaren) al ras impopulair, door het als een beetje eng bevonden nationalistisch sfeertje dat er om heen hing. Hadden we niet net geleerd waar nationalisme toe kon leiden in Europa? Bovendien heeft het lied, net als veel ander liederen in voornoemde bundel, een sterk godsdienstige inslag en dat was en is op openbare scholen behoorlijk omstreden. En dat gold eigenlijk ook een beetje voor de hele vaderlandse geschiedenis met zijn grote helden uit de 17-de Eeuw. Waren dat eigenlijk wel van die geweldige figuren? Kortom, dat de populariteit van het Wilhelmus bij een deel van de bevolking sterk is afgenomen is zeer goed te verklaren. Komt nog bij dat de tekst behoorlijk onbegrijpelijk is, zeker voor kinderen van deze tijd. Zonder goede tekstverklaring komen we er niet.

Uit onderzoek van Verus (vereniging voor katholiek en christelijke onderwijs; meer dan 4000 scholen) in 2013, bleek dat ruim 80% van de schooldirecteuren ‘ja’ zeiden op de vraag “leren kinderen op uw school het Wilhelmus?” en bijna 90% vond dat dat kinderen aan het eind van de basisschool het volkslied moeten kennen[6]. Het lijkt er dus op dat op de meeste scholen, zeker van katholieke en protestants-christelijke huize, het Wilhelmus nog keurig in het curriculum zit.

Weinig reden tot verplichtstelling dus, tenzij men die paar scholen die het niet op het programma hebben staan er toe wil dwingen dit ook op te nemen (openbare scholen, vrijzinnige scholen, islamitische scholen?).

Conclusie

Het is slecht gesteld met de kennis van basisschoolleerlingen over de vaderlandse geschiedenis en zeker over de 17-de Eeuw. Ook de vaardigheid in zingen is zeer waarschijnlijk ver onder de maat. Dat is op zich zeker een treurig gegeven en er is voldoende reden om daar iets aan te willen doen.

Het verplicht stellen van het zingen van Wilhelmus en het bespreken van de betekenis van de tekst zal die problemen niet helpen oplossen. Uiteraard is het Wilhelmus wel een uitstekende kapstok voor een project over onze geschiedenis, met legio aanknopingspunten voor taal, kunst, wereldoriëntatie en burgerschap. Daar is echter geen verplichtstelling voor nodig.

Al diverse keren is gewezen op het feit dat de politiek zich beter niet kan bemoeien met de inhoud van het onderwijs, zeker niet op een dergelijk specifiek niveau. Dat staat op gespannen voet met de vrijheid van onderwijs, iets waar nu juist de christelijke partijen, die het Wilhelmus een warm hart toedragen, fervent voorstander van zijn.

Er wordt hier weer eens een balletje in de onderwijsvijver gegooid met een overwegend politiek doel: laten zien waar je voor staat als politieke partij. Daar zit het onderwijs niet op te wachten. Er zijn andere zaken die politiek geregeld zouden kunnen worden die veel belangrijker zijn, zoals terugdringen van de toenemende kansenongelijkheid voor leerlingen en meer salaris voor leerkrachten. En meer aandacht voor geschiedenis en muziek kan ook geen kwaad.

Maar of daar substantieel iets aan gedaan gaat worden na deze kabinetsformatie is nog maar de vraag…

[1] https://www.ad.nl/politiek/wilhelmus-verplichte-kost-als-rutte-iii-er-komt~a63b68d0/

[2] Periodieke Peiling van het OnderwijsNiveau, http://ppon.cito.nl

[3] Wagenaar, Van der Schoot en Hemker: Balans van het geschiedenisonderwijs aan het einde van de basisschool 4. PPON-reeks nr 42. Cito, Arnhem.

[4] https://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/peil-onderwijs/kunstzinnige-orientatie

[5] Weerden, J. van en N. Veldhuijzen: Balans van het muziekonderwijs aan het einde van de basisschool 2. PPON-reeks nr 16. Cito, Arnhem.

[6] https://nos.nl/artikel/2188351-verplichte-wilhelmus-les-op-school-andere-dingen-zijn-belangrijker.html

Voor de PDF’s van de PPON rapportages zie hier.